Wat geschiedenis vermag

Ziet u de toekomst somber in? Denkt u, met vele anderen naar te vrezen valt, dat de rust van het naoorlogse tijdperk voorbij is, en Nederland, net als de rest van Europa, terecht gekomen is in een draaikolk van ernstige problemen die vrede, veiligheid en welvaart bedreigen? Dan wordt het misschien tijd om u tot de geschiedenis te wenden. Niet omdat de geschiedenis een duidelijke richting aangeeft, laat staan dat zij een oplossing aandraagt. De tijd dat historici hun contemporaine tijdsgewricht konden presenteren als culminatie van de geschiedenis, als uitkomst van steeds verder toenemende volmaaktheid in kennis, welvaart, verstand, vrijheid, ligt achter ons. Historici van nu zijn bescheidener, ook, of wellicht juist wanneer ze de grote greep pogen te beoefenen.

“We hebben geschiedenis nodig, want we hebben af en toe een moment van rust nodig”, zei de France historicus Patrick Boucheron (1965) vorige maand tijdens zijn Leçon inaugurale aan het Collège de France in Parijs, deze onvolprezen, voor alle toehoorders geopende instelling waar de ‘zuivere’ wetenschap zegeviert. Boucheron begint er morgen aan zijn eerste jaargang colleges in het kader van zijn leeropdracht, Histoire des pouvoirs en Europe occidentale, XIIIème – XVIème siècle. Geschiedbeoefening is een “halte voor het bewustzijn”, een moment van respijt van de de invloed van de “tijdelijkheid, die de ervaring verwoest”. De geschiedenis kent, helaas wellicht, geen einde, maar staat immer open voor alles wat buiten de oevers treedt en naar nieuwe dingen leidt. Boucheron wil de geschiedenis beoefenen als iets “dat je doorkruisen kunt, in vrijheid, in blijdschap”, dat je “kunt begeren, als een lichaam dat zich aanbiedt om gestreeld te worden, om daardoor zelf in beweging te blijven”.

Dit fraaie programma ademt, naar strekking en formulering, de geest van Michel Foucault, ooit ook een coryfee van het Collège de France, en dat is niet toevallig – want Boucheron ziet Foucault als een van zijn leermeesters. Zij methode komt naar voren in wat vermoedelijk tot nu toe zijn bekendste boek is, Conjurer la peur, Sienne 1338, Essai sur la force politique des images. Dat werk behelst een uitvoerige, en deels associatieve beschrijving en analyse van een fresco op drie wanden in het Palazzo pubblico van de Italiaanse stad Siena, in 1338 vervaardigd door Ambrogio Lorenzetti, en meestal bekend als ‘over goede en slechte regering”.

Op de twee lange muren van de schildering zijn de resultaten van de verschillende regeringsstijlen te zien: de slechte die tot oorlog, verkrachting, brand en verwaarlozing leidt, en daartegenover de goed geregeerde stad waar vlijtig en ontspannen gebouwd, gehandeld, geoogst wordt. Grote betekenis hecht Boucheron aan wat er op die schildering allemaal niet te zien is, ook niet op de allegorische voostelling in het midden. Er is geen sprake van goddelijke invloed op het recht en slecht – en er komt ook geen enkele geestelijke in beeld. Evenmin hebben de Negen, het oligarchische college van magistraten van Siena dat de opdracht tot de schildering verstrekte, gewild dat de kunstenaar hen vereeuwigde. Er is geen groep van negen te zien – wel een groter aantal burgers dat kennelijk de burgers van Siena vertegenwoordigt.

Voor Boucheron – die tussen de bedrijven door ook vroegere interpretaties van de fresco’s behandelt – is de grote verdienste van de muurschilderingen dat deze het verschil tussen goed en slecht niet behandelen als een uitvloeisel van goddelijke genade, of de wijsheid van een prins, of de deugdzaamheid der machtigen, maar uitsluitend uitgaande van de resultaten: goed bestuur leidt tot een prettig bestaan, slecht bestuur tot ellende.

Ofschoon Boucherons onderzoek grote cliché’s vermijdt – en in zijn woordenrijkheid en en omwegen ook in ongunstige zin aan Foucault herinnert, naar mijn smaak – is onmiskenbaar dat hij in de schilderingen in Siena een voorloper van onze ‘moderniteit’ ziet, en tenminste impliciet ook een manifest tegen het primaat van religie in de gestie van de staat en de gemeenschap, een manifest voor de ‘laïcité’ dus die velen in Frankrijk in onze dagen bedreigd zien. Die indruk wordt nog versterkt door het kleine boekje Prendre dates dat hij met een vriend heeft geschreven, en dat een soort dagboek is van de terreurdaden waardoor Parijs in januari 2015 werd getroffen. Dat boekje is meer een verwonderde kroniek dan een interpretatie of theorie – een poging misschien om heet van de naald de historische halte te vinden. 

Pas in de Leçon inaugurale van vorige maand valt de les te beluisteren die Boucheron kennelijk uit de recente gebeurtenissen trekt: “een betreurenswaardige identitaire regressie vergiftigt onze tijd. (..) Wie heeft nu nog niet door hoe onheilspellend de ideologieën van verdeling zijn? Wie begrijpt  voortaan niet wat de verwoestende werking is van een religieuze kijk op de wereld waarin iedereen een identiteit krijgt toebedeeld, op grond van een essentieel kenmerk?”. De geschiedenis – het zij kort of lang – kan ons in ieder geval doen begrijpen wat er speelt. Een hele opluchting, en een plezier.

Patrick Boucheron, Conjurer la peur, Sienne 1338, Essai sur la force politique des images. Seuil 2013

Patrick Boucheron et Mathieu Riboulet, Prendre dates: Paris 6 janvier – 14 janvier 2015. Éditions Verdier 2015.

De Leçons inaugurale van 14 december is te beluisteren op de website van het Collège de France, net als de op 4 januari beginnende college-reeks. Helaas was de geleerde op 14 december duidelijk snipverkouden. 

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Blog op WordPress.com.

Omhoog ↑

%d bloggers liken dit: