De avonturen van een 19de-eeuwse lezer

In ‘L’ doet Marita Mathijsen iets wat goed beschouwd niet kan: de lezer van de XIX-de eeuw aan het woord laten en hem laten vertellen wat hij van boeken vindt, los van wat de ‘officiële’ geschiedenis van de Nederlandse litteratuur tussen 1800 en 1900 daarover geboekstaafd heeft. Mathijsen, emeritus hoogleraar in de Nederlandse moderne letterkunde aan de UvA, voelt zich kennelijk zo zelfverzekerd bij het raden van de denkwereld van die lezer dat zij hem (of haar) in de eerste persoon aan het woord laat, om met het mededelen van leeservaringen leven te schenken aan iets wat anders een conventionele geschiedenis van de Nederlandse letterkunde in de XIX-de eeuw geworden zou zijn.

Wel een waagstuk, deze benadering. Want lezersonderzoeken bestonden er nog niet in de XIX-de eeuw, en evenmin betrouwbare oplagecijfers. Hoogstens geeft het aantal drukken van een boek een aanwijzing voor de populariteit ervan. En er zijn natuurlijk de recensies, vooral die in het in de eerste helft van de eeuw alles overschaduwende blad ‘Vaderlandsche Letteroefeningen’. Maar voor de aandacht in de pers van die tijd geldt wat nog steeds geldt: wat door de kritiek wordt gewaardeerd, kan zich niet automatisch in de lezersgunst verheugen en aan de andere kant wordt wat graag gelezen wordt, door de kritiek maar al te vaak schamper bejegend.

Mathijsen moet het voor ‘L’ dan ook in belangrijke mate hebben van haar inlevingsvermogen, plus natuurlijk haar grote eruditie en brede kennis van de XIX-de eeuwse Nederlandse letteren, ook de hoekjes en gaatjes daarvan. ‘L’ zit vol onverwachte détails en inzichten: over talrijke, veelal vergeten vrouwelijke auteurs bijvoorbeeld, of het opmerkelijke feit dat de Noord-Nederlandse en de Vlaamse litteratuur in de XIX-de eeuw nimmer een fusie zijn aangegaan, zelfs niet ten tijde van het Verenigd Koninkrijk tussen 1815 en 1830. Nederland en Vlaanderen vormen maar nauwelijks één cultuurkring – wie nu nog Groot-Nederlandse culturele aspiraties koestert, zou beter moeten weten.

Het boek ‘L’ is in zijn opzet volkomen geslaagd: inderdaad heeft de hedendaagse lezer de indruk dat hij wordt binnengevoerd in de denkwereld van zijn XIX-de eeuwse voorganger. Nog niet eens zozeer om wat deze in concreto las overigens – verhalende poëtische werken van duizenden regels leest al lang niemand meer, en ook zijn bruisende vaderlandsliefde en godsvrucht zijn ons in de XXI-ste eeuw enigszins vreemd geworden. Maar de gedachte dat het fijn is als een boek, los van de esthetische geneugten die het bij lezing kan verschaffen, toch ook bijdraagt aan de groei van de lezer – hem tot reflectie aanzet, een misstand aan de orde stelt, hem een spiegel voorhoudt, noem maar op – die lijken de lezers van de XIX-de en de XXI-ste eeuw eigenlijk goeddeels gemeen te hebben.

Sprekend over de laatste decennia van de eeuw van ‘L’ waagt Mathijsen ook de stelling dat, vanuit het standpunt van de Nederlandse cultuur van toen, sommige litteraire fenomenen achteraf een beetje worden overschat. De Nederlandse lezer was maar zelden te porren voor ‘littérature pure’ bijvoorbeeld: naturalistische romans als die van Émile Zola ontbeerden opbouwend perspectief op de ellende, en de woordkunst van de Tachtigers was ook niet iets wat grote groepen aantrok en door velen als futiel werd ervaren.

De onderverdeling van de tijd in eeuwen is maar een willekeurige conventie, natuurlijk. De XIX-de eeuw was niet een project op zich of een tijdperk dat je als een afgerond geheel of een gestructureerde ontwikkeling kunt beschouwen. De afbakening van de eeuw heeft dus iets willekeurigs, al wordt er wel door benadrukt hoe adembenemend snel de wereld tussen 1800 en 1900 veranderde. Ook de Nederlandse boekenlezer was na honderd jaar niet meer dezelfde.

De eeuw begint, wat de vaderlandse letterkunde aangaat, met de censuur van het door de Fransen gedomineerde bestuur in Nederland. De jaren tussen 1800 en 1813 moeten zeer deprimerend zijn geweest: na de burgeroorlogachtige situatie die na 1780 in de Republiek was ontstaan, waren de jaren van de ‘Bataafse’ omwenteling op een teleurstelling uitgelopen. Het Nederland van 1900 was, daarbij vergeleken, een meer dynamisch land waar steeds meer groepen – arbeiders, vrouwen, katholieken – hun stem lieten horen en zich ook in de letterkunde deden gelden.

Het breed opgezette, epische dichtwerk is aan het begin van de eeuw de koningin der litteraire genres – litteraire kanonnen als H. Tollens, J.F. Helmers en Willem Bilderdijk excelleren er in. De letterkunde lijkt vooral tot burgerzin en gematigde Verlichting op te willen voeden: nationalistisch, pro-Oranje, godsdienstig en verdraagzaam jegens andersdenkenden. Maar ook aan het begin van de XIX-de eeuw geldt al dat wie reuring teweeg wil brengen, en zich derhalve als schrijver in de kijker wil spelen, tegen heilige huisjes en gevestigde communis opinio aan moet schoppen. Zo komt Mathijsen uitvoerig te spreken over ‘Bezwaren tegen de geest der eeuw’ van Isaac da Costa – een pamflet uit 1823 van bepaald reactionaire strekking. Da Costa – een bekeerde Jood – wekt met deze aanval op de waarden van de Verlichting en een hartstochtelijk pleidooi voor bijbelvaste, calvinistische orthodoxie stormen van polemiek op.

Zulk rechtzinnig protestantisme blijft de hele eeuw door een belangrijk en in veel opzichten gezichtsbepalend onderdeel van het culturele spectrum, hoezeer wellicht ook de culturele bovenlaag van vroeger en nu Nederland als een bakermat van liberaliteit en gematigdheid wil presenteren. Deze aandacht voor Da Costa’s befaamde pamflet – meestal eerder behandeld als een belangrijk moment in de godsdienstgeschiedenis, en minder als een belangrijk litterair gegeven – laat zien hoe breed de ambitie van Mathijsen met dit boek is: niet zozeer een conventionele litteratuurgeschiedenis wil dit boek zijn, maar eerder een culturele- of misschien moeten we zelfs zeggen mentaliteitsgeschiedenis. Want dat is natuurlijk wat de als ‘L’ opgevoerde lezer(es) doet: ons laten weten hoe de gelezen boeken bij hem of haar binnenkomen, wat er geapprecieerd wordt, en wat als toch wat erg over de top wordt gezien.

Naarmate de XIX-de eeuw vordert, verandert er het een en ander in de receptie van litteratuur: van behoefte aan moralisme naar verlangen naar avontuur bijvoorbeeld. En er verandert veel in de infrastructuur van het lezen. Aan het begin van de eeuw is lezen nog vaak een groepsgebeuren: vader leest bij de enige lamp of kaars in de huiskamer voor uit een boek, of boeken circuleren onder de leden van leesgezelschappen, die er dan na enige tijd met elkaar over spreken. Nederland was in diezelfde tijd ook een land van gezelschappen en genootschappen, waar de ‘uiterlijke welsprekendheid’ met vrucht werd bedreven, en menigeen eer inlegde met het in gezelschap uit het hoofd reciteren van lange lappen contemporaine poëzie. De introductie van gas- en elektrische lampen die ganse vertrekken kunnen verlichten, maken het eenvoudiger om je als gezinslid met een boekje terug te trekken, en stil voor je uit te lezen.

Lezen is een daad, en naarmate de eeuw vordert zijn er steeds meer Nederlanders met voldoende geletterdheid en centen om zo’n daad te stellen. Lezen is ook een avontuur: je open stellen voor dingen die je nog niet weet; kennis nemen van werelden of menselijke drama’s waarvan je de diepte niet op voorhand kunt bevroeden; geconfronteerd worden met inzichten die al lezend kunt verdiepen of die je ten diepste tegen de borst stuiten. Het is dit avontuur bij de XIX-de eeuwse lezer dat Mathijsen voortdurend vermoedt en beschrijft met haar fictieve ‘L’. Die eigenzinnige lezer heeft in Mathijsen zijn al net zo eigenzinnige en avontuurlijke geschiedschrijver gevonden.

Marita Mathijsen: L. De lezer van de 19de eeuw. Balans 2021.

Afbeelding: ‘Thoughts’ van de Britse schilder Henry Henshall (1856-1928), uit 1883.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Blog op WordPress.com.

Omhoog ↑

%d bloggers liken dit: